Home

Verblijf JEZ11

Een begeleiding in JEZ11 omvat steeds de combinatie van 3 werkvormen (modules):

  • Verblijf (1bis met besloten karakter)
  • Contextbegeleiding (Intensief Kortdurende)
  • Ondersteunende begeleiding

In het concrete hulpverleningsaanbod krijgt dit vorm in een interdisciplinaire samenwerking vanuit orthopedagogische, contextgerichte en psychologische hoek.

Leefgroep

JEZ11 is een beveiligende setting, dit bekent dat er binnen de infrastructuur, procedures en manier van in relatie gaan met de jongeren begrenzing en beveiliging aangeboden wordt. De mate van begrenzing en beveiliging wordt afgestemd op de individuele noden van de jongere. Doorheen het begeleidingsaanbod leren de meisjes stap voor stap omgaan met meer vrijheid en verantwoordelijkheid.

Tijdens het verblijf in JEZ11, doorloopt de jongere 3 fasen: de kennismakingsfase, de werkfase en de afrondingsfase. De opdeling heeft tot doel het verblijf overzichtelijk te maken en het aanbod af te stemmen op de individuele noden van de jongeren.

In de kennismakingsfase houden we vast aan eenzelfde structuur voor elke jongere. We kennen de meisjes namelijk nog niet goed genoeg om ons handelen individueel af te stemmen. Regels en afspraken zijn strikt, de mate van beveiliging en begrenzing is hoog en de verwachtingen t.a.v. de jongere zijn laag.

In onze relatie met de jongere ligt de focus hier op het leren kennen van de meisjes en hun context. "Wie ben jij?" is aldus de kernvraag. We richten ons op het verzamelen van informatie. Enerzijds vanuit bevraging en risicotaxatie en anderzijds vanuit de voeling, een eigen ervaren van de hulpverleners in het contact met de jongere en haar context. We vinden het belangrijk om vanaf de start op zoek te gaan naar sterktes en talenten van de jongere en haar context. Dit biedt ons in het verdere traject aanknopingspunten om de jongere succeservaringen te laten opdoen.

Het gros van de begeleiding bevinden we ons in de werkfase waarbij de focus komt te liggen op een circulair proces. We gaan in op belangrijke levensdomeinen en koppelen hieraan doelstellingen uit het handelingsplan. De mate van begrenzing en beveiliging wordt afgestemd op het functioneren van de jongere.De kern hierbij is dat we vanuit werkhypotheses ons handelen vorm geven. Door voortdurend terug te koppelen en te evalueren krijgt de begeleiding zijn vorm, op maat van de jongere.

Daarnaast werken we met een feedbacksysteem dat inzet op de basishouding van de jongeren in de maatschappij. Hierbij wordt ingezet op extrinsieke motivatie om gedrag bij te sturen. Idealiter groeien we in de loop van het proces naar een intrinsieke motivatie bij de jongere en wordt het feedbacksysteem overbodig.

In de afrondingsfase gaan we met het meisje en haar context voldoende de tijd nemen om af te ronden. Het traject wordt in deze fase samengevat, geëvalueerd, in kaart gebracht. Mogelijke werkpunten naar de toekomst toe worden in kaart gebracht, alsook gaat er aandacht naar de nazorgmogelijkheden en toekomstige hulpverleningspistes. Wij geloven dat iemand nooit "klaar" of "af" kan zijn en levenslang ontwikkelt. We wachten dus niet op een perfect functioneren maar nemen genoegen met enkele evoluties waardoor de jongere opnieuw verder kan binnen haar eigen context en leefwereld. In deze fase wordt de verbinding naar de buitenwereld nog belangrijker. We focussen op de noodzakelijke elementen om een transfer mogelijk te maken van JEZ11 naar de buitenwereld.

Contextbegeleiding

Elke jongere krijgt vanaf de start van het traject een contextbegeleider toegewezen. De contextbegeleider gaat minstens één keer per week langs bij de jongere thuis.  Er wordt samen met het gezin en de jongere gezocht naar een gepast moment om langs te gaan.  Er zijn gesprekken met het hele gezin of met één of meerdere gezinsleden apart.  Als de ouders van de jongere gescheiden zijn, probeert de begeleiding naargelang de situatie beide ouders te betrekken bij de hulpverlening.

De gesprekken zijn meer dan gewoon een praatje maken: het is samen zoeken naar oplossingen, ideeën uitwisselen, overleggen en onderhandelen met elkaar.  Af en toe wat actie kan geen kwaad. Er wordt  daarom regelmatig met opdrachten of spelmateriaal gewerkt. Bijvoorbeeld een dagboek maken, een stamboom tekenen, een spel spelen,... De doelstellingen waarrond gewerkt wordt in de contextbegeleiding, worden steeds in samenspraak met de contextfiguren en de verwijzende instantie opgemaakt. Deze doelstellingen worden ook opgenomen in het individueel handelingsplan van de jongere.

Contextbegeleiding gaat echter verder dan enkel de samenwerking met het kerngezin. De contextbegeleider gaat ook aan de slag met andere steunfiguren van de jongere, zoals de ruimere familie, vrienden, hobbyclub…

Als laatste is ook de schoolbegeleiding een belangrijk onderdeel van de contextbegeleiding.  Heel wat jongeren die aan JEZ11 worden toegewezen, hebben een bewogen schoolcarrière achter de rug.  Samen met CLB, leerkrachten, ouders en de jongere zelf, wordt de schooloriëntering, in praktijk vaak het motiveren en heropstarten van een schools traject, zeer nauwgezet gevolgd. 

 

Therapie

Van bij de start van een traject, volgt de psycholoog de jongere op. De meisjes worden uitgenodigd om in gesprek te gaan en samen een proces te bewandelen. Bij aanvang staan de sessies in het teken van vraagverheldering en diagnostiek waarin een eerste beeld wordt gevormd van het levensverhaal van de jongere, het relationeel en emotioneel functioneren en de algemene beleving van de jongere. We proberen ook zicht te krijgen op de dynamieken die achter het symptoomgedrag aanwezig zijn. In het verdere traject krijgt de jongere wekelijks een individueel moment bij de psycholoog. Afhankelijk van wat de jongere nodig heeft, wordt creatief gezocht naar manieren om deze momenten vorm te geven.

Naast het individuele aanbod, zit ook een groepsaanbod vervat in het hulpverleningsaanbod van JEZ11: atelierwerking, creatief therapeutisch werken, theater, beeldend werken, wandelen en therapie met paarden.